Cultuur In Beeld zoekt medewerkers om mee te helpen om ons cultureel patrimonium in beeld te brengen.
Schrijft u graag over wat er te doen is in ons Vlaanderen? Dan is dit mogelijk uw ding.
U komt terecht in een leuk team.. Interesse? mail naar: Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.

Recensie Boek - Het laatste Schilderij

b_800_600_0_00_images_artikelfotos_oktober2021_frontImagesLink.jpeg

 

 

auteur: Patrick De Rynck

uitgeverij: Ludion

non fictie: schilderkunst

recensente: Gerda Sterk

5 sterren

 

Een prachtig boek om te geven of om cadeau te krijgen en genietend te lezen!

 

EINDWERK?

In de inhoudsopgave staat ‘eindwerk’ tussen aanhalingstekens, want De Rynck zal aantonen dat wat we soms beschouwen als ‘eindwerk’ dat helemaal niet is. 

Op de kaft staat een goed voorbeeld: “Korenveld met kraaien” van Vincent van Gogh. Na dit werk maakte hij nog diverse andere doeken, maar zijn schoonzus vond de symboliek die het doek uitstraalt passen bij de noodlottige dag dat Vincent – overigens niet ver daar vandaan - zich een kogel in de borst schiet.  

 

FLORUIT

De laatste tijd focussen vele tentoonstellingen zich op de laatste jaren van een kunstenaar. Dankzij nieuwe inzichten is er dikwijls sprake van een herwaardering: men ging (en gaat) er immers van uit dat verouderen gelijk is aan de neergang van fysieke en mentale mogelijkheden, zo legt De Rynck ons uit in zijn inleiding. De heersende opinie is dat het na de bloeitijd onherroepelijk bergaf gaat en het verval intreedt. Deze beeldspraak passen we zelfs toe op culturen in het algemeen. 

“Floruit” is Latijn en betekent “heeft gebloeid”. Het wordt gebruikt bij kunstenaars van wie we de geboorte- en sterfdata niet kennen. Soms zijn ze niet alleen oud, maar oud en ziek en maken we de fout de kunstenaar en zijn laatste werk te herleiden tot zijn ziekte. We hoeven het oud worden niet op te hemelen, maar zeker ook niet te minachten, want soms geven de laatste werken integendeel blijk van een verfrissende vitaliteit. Bovendien zijn oudere schilders vrijer om te schilderen wat ze willen. Ze kunnen teren op hun bekendheid en hebben meestal genoeg verdiend. Rubens schilderde “Het Pelske” hoogst waarschijnlijk niet om te verkopen, maar eerder als een soort ‘slaapkamerschilderij’. 

 

30 GROTE NAMEN

Kiezen was frustrerend, zo lezen we, maar om het boek uitgeefbaar te maken heeft hij zich moeten beperken tot 30 grote namen uit meer dan 5 eeuwen schilderkunst. Het overzicht begint bij Jan van Eyck en eindigt bij Pablo Picasso. Van Van Eyck weten we niet veel, van Picasso weten we zeer veel. Sommige kunstenaars zijn nooit oud geworden: Rafaël, Egon Schiele en Frida Kahlo. De auteur beschouwt het als een soort memento mori en maakt van ‘het late werk’ ineens een uiterst relatief begrip. 

Van elke schilder nam De Rynck 3 werken op en streefde ernaar zoveel mogelijk ‘laatste zelfportretten’ af te beelden. 

 

REVOLUTIE VAN HET STRALENDE REALISME

Het lezen van de inleiding is boeiend en relevant, maar dan sla je de bladzijde om en begint het genieten. Daar staat Jan van Eyck! Gekende data worden – al dan niet met een vraagteken – opgesomd. Onder de grote titel volgt een brede uitleg van de laatste bevindingen van het kunsthistorisch onderzoek. In kleinere druk lezen we wat bv. tijdgenoten over hem schreven. De volgende bladzijde is een grote foto van “De heilige Barbara” met een citaat van Karel van Mander. Was dit een onvoltooid (laatste) schilderij of was het altijd bedoeld om ‘gedoodverfd’ te blijven? Dan volgen een portret van zijn vrouw, Margareta, en het beroemde “Maria met Kind...” Dankzij de uitleg kijken we aandachtig naar wat afgebeeld wordt en leren we wat er mogelijk waar is en wat overlevering is. 

Rubens schilderde ongeveer een jaar voor zijn dood een weinig flatterend zelfportret. Hij is afgebeeld in dure, zwarte kleren met een flamboyante hoed op zijn hoofd. Dan letten we – geleid door de tekst – op zijn vermoeide gezicht en op de hand die gezwollen is van de jicht. Kon hij nog wel schilderen of nam zijn atelier in Antwerpen het werk over? 

 

ZIEK, BEZWAARD EN MOE

We zijn bij Van Gogh aanbeland. Hij had geen gemakkelijk karakter, maar was toch niet de eenzaat die de literatuur van hem gemaakt heeft. “Korenveld met kraaien” blijkt dus niet zijn laatste werk. Misschien is het “Marguerite Gachet aan de piano”. Het is namelijk niet onmogelijk dat het omgangsverbod dat de vader van de jonge vrouw aan Van Gogh gaf, de aanleiding was voor zijn zelfdoding. Feit is dat het moeilijk kiezen is: Van Gogh schilderde in zijn laatste dagen 75 doeken op 70 dagen tijd! Nieuw onderzoek leidt naar het echte laatste schilderij, dat in het klein afgedrukt staat op p.107 met de nodige uitleg. 

Monet schilderde “Grandes Décorations” overheersend in blauwe tinten. Was dat een gevolg van zijn oogziekte? 

Als Matisse “De Slak” bijeen knipt en plakt, is dat dan minderwaardig of juist revolutionair nieuw werk, richting abstractie? Zat hij te revalideren in zijn rolstoel en/of is het werk tot stand gekomen dankzij hulp van assistentes? 

“Viva la vida” is vermoedelijk wel degelijk het laatste werk van Frida Kahlo. Ze bezingt het leven, hoewel polio, een bijna fataal ongeluk, rugpijn en liefdesperikelen onafgebroken deel uitmaken van haar bestaan. 

Picasso schildert op 91-jarige leeftijd een angstaanjagend zelfportret. “Of kijken we eerder naar een dodenmasker, een levende schedel zelfs?” (p.198)

 

MOOI MAAR ONBEKEND

Van Manet kennen we vooral “Een bar in de Folies-Bergère”, maar het innig mooie “Bloemen in een kristallen vaas” kwam pas in 1979 weer aan de oppervlakte. Of hij dit maakte of het een zekere Duret was, die opdracht gaf aan andere kunstenaars om alles van Manet na diens dood af te werken, blijft tot op heden een raadsel. De werken verkochten immers maanden na Manets dood nog enorm goed.  

Turner schilderde “De Wrakboei” in 1807, maar bewerkte het grondig in 1849, zodat het kan gelden als een laatste werk. “Het is een prachtig voorbeeld van zijn kracht wat kleuren betreft” (Art Journal). De zee, haar stormachtige krachten, de nietigheid van de mens en het veranderende licht zijn levenslange thema’s. Er zit ook hoop in het schilderij: de dubbele regenboog. 

 

ARTEMISIA GENTILESCHI

Vrouwen zijn ondervertegenwoordigd in de kunstwereld. In dit boek staan er dus slechts twee. We kennen allemaal Kahlo, maar Artemisia Gentileschi?! Zij is in Rome geboren (1593)  en in Napels gestorven na 1654. Zij krijgt een afbeelding over twee bladzijden: “Triomf van Galatea”. Haar voorstelling van sterke vrouwen, mooie naakte lichamen en haar clair-obscur zorgen ervoor dat ze op gelijke voet gezet wordt met Caravaggio. Van hem weten we veel, maar van haar niet. Recent onderzoek onthult dat deze merkwaardige vrouw veel meer is dan het bekende proces over haar verkrachting in 1612 doet uitschijnen.

 

OPZOEKINGSWERK

Over elk schilderij komen we te weten welke materialen er gebruikt werden, hoe groot het is en waar het tegenwoordig te zien is. 

Welke boeken De Rynck raadpleegde vinden we achteraan. Hij vermeldt ook dat hij tientallen museale en andere kunsthistorische websites en catalogues raisonnés raadpleegde en vergeleek met recent materiaal. 

Natuurlijk ontbreekt ook de fotoverantwoording niet, met de merkwaardige uitnodiging dat eenieder die meent rechten te kunnen laten gelden, zich tot de uitgever moet wenden.

 

VERTALING

De Rynck heeft een onderbouwd boek over ‘eindwerken’ gemaakt. Hij reikt ons een juiste appreciatie aan, omdat hij gebruik maakt van kunsthistorisch onderzoek en zijn eigen inzichten. Zo krijgen we realistische verhalen te lezen die soms breed afwijken van de gangbare opinie. 

 

Ik heb gezien dat er al een Engelse vertaling gemaakt is, zodat je het knappe boek aan nog meer mensen zou kunnen schenken! Een idee voor Kerstmis? 

 

Gerda Sterk