Recensies

Recentie boek -VOLHARD (Geduldig bouwen aan gezonde doelen)

Volhard.jpg

 

Gezondheid

Het boek is al aan de tweede druk toe. Veel mensen met als doel””gezondheid” vonden het dus nodig om hun manier van leven bij te schaven.

Om gezond te zijn en vooral te blijven moet je letten op je eetgewoonten en in beweging blijven. Bovendien is geestelijke gezondheid erg belangrijk voor de lichamelijke gezondheid.  Boomsma wil je met dit boek helpen een goed doel te stellen, het juiste pad te bewandelen en vooral hoe te volharden in de goede voornemens.

Natuurlijk zou ik pas écht goed kunnen oordelen over de waarde van zijn raadgevingen, als ik het boek eerst een aantal maanden zou gebruiken. Ik ga dus af op mijn oordeelkundig vermogen.

Het boek lijkt niet echt geschreven voor de 65+ leeftijd. Oké, iedereen kan profijt trekken uit raadgevingen voor afslanken en bewegen, maar ik zie de 70-jarige niet direct “Klim zo nu en dan eens in een boom” (p.131) opvolgen. Vooral het hoofdstuk over trainen lijkt voor een jong publiek geschikt, hoe thuis in beweging blijven is dan weer voor iedereen.

 

Doel,  Discipline, Ritme

Stap 1 is weten wát je precies wil volhouden: welk doel is het waard om na te streven? Dat kan zijn “ik wil meer sporten”, maar evengoed “ik wil gezonder eten”. Daarbij, zegt hij, moet je beseffen waarom je precies dat doel wil bereiken, want er zit soms meer achter en het helpt je volharden als je je daarvan bewust bent. Dan komt het woord “discipline” op de proppen en hoe dat kan helpen bij “doorzetten als het makkelijker is om af te haken”.

Het hoofdstuk “ritme” is minder eigenaardig dan het op het eerste zicht lijkt, want iets volhouden is dikwijls een kwestie van (saaie) herhaling. Ritme helpt (goede) gewoontes te creëren.

 

Slaap, koude douche, agenda

Een lang deel wordt gewijd aan slaap en waarom voldoende slaap zo belangrijk is voor de gezondheid. Hij raadt aan om de dag fris te beginnen met bewust genieten van de ochtendzon. In de winter op een appartement is dat moeilijk, maar het blijft een mooi idee. Grappig is zijn raad om te kiezen voor een prettige melodie om bij wakker te worden, iets met kwinkelerende vogels, bv. Of je best een koude douche neemt om het immuunsysteem te bevorderen is wetenschappelijk nog niet afdoende bewezen, maar je wordt er zeker klaar wakker van! Op p.81 vat hij de ideale ochtendroutine samen en die begint met “om zes uur opstaan”. Hij heeft het regelmatig over “afvalstoffen afdrijven” en “het lichaam reinigen”. De lezer(es) besluit zelf of  zij/hij daarin gelooft, maar het klinkt goed.

Wil je iets volhouden, zal je een agenda moeten aanleggen en zeker beslissen of je je leven door e-mails en smartphone laat beheersen.

 

Voeding

De nadruk moet liggen op groente en fruit, maar dat had je misschien al verwacht. Hij is niet tegen het nemen van extra vitamines, maar geeft toe dat een gevarieerde voeding meestal het nodige bevat. Niet verwonderlijk raadt hij aan om veel water te drinken. Wie traint zou drie liter moeten drinken en liefst met grote glazen tegelijk “omdat het vocht tot in de huid en de spieren komt”. Ik voel me niet bevoegd om de juistheid van die stelling te beoordelen, maar weet dat er twijfel is over “heel veel water” drinken.

 

Training

Je hoeft niet naar de gym om te bewegen. Als je de trap zou nemen in plaats van de lift, ben je al goed bezig. Zelfs de supermarkt biedt kansen op méér beweging dan je zou denken. Als het gaat om push-ups en squat thrusts spreekt hij eerder de jonge lezers aan. Omdat hij dit boek schreef in de COVID-19 pandemie, geeft hij raad over wat iedereen thuis kan doen.

 

Hoofd,  tegenslag, optimisme

Boomsma gaat in dit hoofdstuk over de noodzaak om je geest gezond te houden: los een ruzie op voor je gaat slapen,wees ordelijk, koop een goede bezem, los kruiswoordpuzzels op, leer golfen, neem een kat, mediteer, enz. Tegenslagen beïnvloeden ons en dwarsbomen onze plannen, dus wijdt hij ook daaraan een hoofdstuk.

Het laatste hoofdstuk behandelt positief denken. Dankbaarheid voor wat je hebt, kan helpen om je goed en energiek te voelen.

 

Besluit

De inspirerende raad van Boomsma wortelt dikwijls in gewoon gezond verstand, maar het is beslist een nuttig boek omdat we allemaal weten hoe moeilijk het is om te volharden. Je kan een keuze maken uit de tips . Hij illustreert graag met prettig geschreven voorbeelden, dikwijls uit eigen leven of die van zijn familie. Elk hoofdstuk wordt ingeleid en soms ook onderbroken door een citaat van bekende personen en afgesloten met aanbevolen boeken, podcasts, documentaires.

auteur: Arie Boomsma

onderwerpen: lifestyle, gezondheid, fit zijn en blijven, volhouden

uitgeverij: Prometheus Amsterdam

ISBN 978 90 446 3527 0

persoonlijke waardering: 7,5/10

 

Recensente: Gerda Sterk, bestuurslid van VJV en SKEPP

 

 

 

0
0
0
s2smodern

Recensie boek - Je mag zeggen wat je denkt - zolang je maar hetzelfde denkt als iedereen

b_800_600_0_00_images_artikelfotos_januari2021_je-mag-zeggen-wat-je-denkt-andreas-kinneging-9789044646191.jpg

 

 

Andreas Kinneging (1962) is hoogleraar rechtsfilosofie aan de Universiteit Leiden. In 1987 werd hij nationaal kampioen gewichtheffen (daarop alludeert hij in zijn inleiding: “Zoals gewichtheffen technisch de moeilijkste sport is, is de dichtkunst de moeilijkste literaire stijl.”). Tegenwoordig is hij een redelijk omstreden intellectueel.  In 2020 verscheen zijn werk ‘De onzichtbare maat. Archeologie van goed en kwaad’.

“Je mag zeggen wat je denkt” is een verzameling van 59 essays over uiteenlopende onderwerpen, gaande van Vrijheid en/of Gelijkheid tot De Vereisten van het Huwelijk, afgesloten met een “interview” met de auteur. Opvallend is zijn geloof in de Griekse filosofie, met Plato op kop, gevolgd door de christelijke leer, Augustinus en Thomas van Aquino. Hij toont zich meestal behoudsgezind. Alles lijkt vroeger beter en dan heeft hij het niet alleen over de filosofie van Plato maar ook over bv. de opvoeding van kinderen (zie Morele Achteruitgang). Hij beargumenteert zijn opinie, ook als die lijnrecht ingaat tegen de heersende opvattingen. In dat verband is de afbeelding van Socrates die de gifbeker aanvaardt goed gekozen. Zijn proces i.v.m. de vrijheid van meningsuiting is immers het beroemdste aller tijden. Kinneging betoogt dat die vrijheid méér dan ooit onder druk staat in de moderne samenleving. Ook de achterflap geeft iets prijs: we zien de hoogleraar rechtsfilosofie met een bontgekleurde pet op (“klak” zouden we in het Vlaams zeggen), een hoofddeksel dat je niet direct met een hoogleraar associeert. De verschillende kleurtjes kunnen de verschillende meningen zijn.

TAAL, VERTALEN

 Het krioelt in zijn tekst van de Latijnse zinnen, die niet altijd vertaald worden. Ook Engelse citaten worden zelden in het Nederlands omgezet.  In het hoofdstuk over taal, vertalen...  legt hij uit waarom. In klare taal bestrijken de columns verschillende thema’s, waaronder de verhouding tussen recht en moraal, mensenrechten,  de opleiding tot jurist, het universitair onderwijs, seks, het gezin en muziek. Een aantal columns behandelt de tegenstelling tussen vrijheid en gelijkheid. Hij verwijst naar het communisme, inclusief de Goelagkampen, en stelt dat het streven naar gelijkheid de vrijheid ondermijnt.

UITNODIGING TOT NADENKEN

Lezen in dit boek is een uitnodiging tot nadenken. Je hoeft het niet altijd eens te zijn met hem. Is voor de meeste vrouwen seks enkel te genieten als ze de man kennen en kunnen vertrouwen? (p. 229). Zijn de idealen van Verlichting en de Romantiek niet zo ideaal? Hebben ze te veel de nadruk gelegd op het individu en zijn belangen? Kinneging denkt alvast van wél. Opmerkelijk is ook het essay met de titel: Valt Amerika uit elkaar? Hij stelt vast – zoals iedereen die deze weken het nieuws volgt – dat het inderdaad gebeurt. Maar, beargumenteert hij (met de hulp van Plato en Aristoteles als ze het hebben over rijkdom en armoede), het is niet de schuld van Trump! Iedereen onder ons die riskeerde al eens iets goeds over Trump te zeggen (bv. dat de V.S. geen buitenlandse gewapende inmengingen organiseerde de laatste 4 jaar) weet dat je riskeerde zonder pardon of discussie uit de vriendenkring gegooid te worden.

Al ben je het niet eens met Kinneging, al vind je hem eigenwijs en verwaand (hij lijkt te weten wat “normaal” is), een tegenstem moet er zijn, discussie moet kunnen en dat is de hoofdgedachte van dit boek. “Zelfs als de opvattingen van zo’n dwarsligger met zekerheid onjuist zijn”, stelt Kinneging, “hebben ze nog hun maatschappelijk nut.” Helaas is het bijna gevaarlijk om een dwarsligger te zijn:  “Geen wonder dus dat niemand meer iets spannends of ongewoons durft te zeggen.”

Er is geen lijst van geraadpleegde werken, hij vermeldt in de tekst bij wie hij soms de mosterd haalde en meer dan eens met een aansporing: “erg leerzaam”, “neem en lees!”.

Gerda Sterk, bestuurslid van VJV en SKEPP

Uit een interview in Knack 10/06/20 over de corona-crisis

Kinneging: Daarvoor maakt die crisis te weinig indruk. Mensen worden pas wakker als ze echt pijn gaan lijden. Dus eerst moet het nog veel slechter worden. Wat zou het goed zijn als de winkels wat vaker dicht waren en we meer tijd en rust hadden voor elkaar, om ons te bezinnen, goede boeken te lezen en na te denken over de vraag hoe te leven. Maar ik vrees dat de meeste mensen de afgelopen maanden toch vooral veel televisie hebben gekeken, en overmatig hebben gegeten. Wat we nu meemaken, beschouwen we graag als abnormaal. We willen zo snel mogelijk ons oude haastige leventje weer hervatten en zo druk zijn dat we niet met de grote vragen worden geconfronteerd.

 

auteur: Andreas Kinneging

Prometheus Amsterdam

295 bladzijden

ISBN 978 90 446 4619 1

beoordeling: 8,5/10

0
0
0
s2smodern

Recensie - Door leugens verleid - Peter Klerks

Recensie_Leugens.jpg

 

Hoe je fake news en andere vormen van manipulatie herkent en bestrijdt

 

Misschien is het motief van het boek nog best omschreven in de inleiding: “We zoeken naar waarheid en vinden leugens”.

Van Dale kent meer dan zestig alternatieven voor “misleiding” en Klerks gebruikt ze bijna allemaal. Na een overzicht van de beïnvloedbaarheid van de mens via psychologische operaties, past hij die inzichten toe op oorlogsvoering, vooral dan op WO I en WO II.

Hoe hij verder de complexe materie uitwerkt schrijft hij zelf op p.32. In hoofdstuk twee reikt hij een theoretisch kader aan, met een definitie van belangrijke begrippen en met voorbeelden uit 3 domeinen.

In hoofdstuk drie geeft hij de historische achtergrond. In hoofdstuk vier laat hij zien hoe psychologische technieken praktisch worden toegepast op neuromarketing, journalistiek, wetenschap en andere terreinen.

Hoofdstuk vijf behandelt juridische en ethische aspecten, terwijl hoofdstuk zes beschrijft hoe de samenleving zich kan verdedigen. Zeven biedt een analyse, geeft conclusies en een vooruitblik op de toekomst waarin sociale netwerken, reclames die u bereiken via algoritmes, nepnieuws, complotdenken, cybercrime, doxing en dies meer aan bod komen.

Het indrukwekkende boek is niet van het soort dat je snel even uitleest. Het is niet voor iedereen toegankelijk, al was het maar omdat hij de vele fragmenten in het Engels onvertaald laat.

Zelfs Dostojevski spreekt Engels (p.108). De rake citaten van Voltaire, waarmee hij elk hoofdstuk opent, staan er wél in het Nederlands. Het boek is geschreven in een zwaarwichtige stijl. Het is alsof je een college volgt met een inleiding waarin hij de krijtlijnen uitzet van wat hij in het hoofdstuk behandelt en meestal sluit hij af met een samenvatting waarin hij de essentie opnieuw verwoordt.

Het voordeel is duidelijkheid, het nadeel is een zekere saaiheid, die erg geïnteresseerde lezers nochtans niet zal afschrikken.

Als hij het heeft over landen die misleiding veelvuldig hanteren, dan zijn de

Russen nooit veraf. Met talrijke voorbeelden illustreert Klerks hun schurkachtig bedrog. Trump is natuurlijk hét voorbeeld van het zichzelf indekken met halve waarheden en leugens.

Klerks volgt de mainstream. Churchill is in zijn ogen een voorbeeldig staatsman: “… onconventionele ruimdenkendheid”(p.151), “De grote staatsman had het inzicht… zoals het een goede leider betaamt… ” (p.152), “Door zulk visionair en doortastend leiderschap...” (p.153).

In Het Vrije Woord van dec. 2020 las ik een bijdrage van Lukas De Vos waarin hij het volgende schrijft over Churchill: “...misdaden tegen de mensheid.

Heeft Churchill die niet op zijn geweten?”, “Het Internationaal Gerechtshof in Den Haag zou een forse kluif aan de zaak gehad hebben, een man die openlijk de uitmoording van ongewapende burgers beveelt – met drie keer meer doden dan in Srebrenica.”, “… dat Churchill al in 1939 een geheime operatie opzette om sabotage en aanslagen te plegen in Duitsland zelf”.

Het lijkt erop dat Klerks niet altijd streeft naar een objectieve invulling van de waarheid of de leugen, maar zijn eigen opinie geeft met regelmatig een “zou” of “naar verluidt”. Een voorbeeld daarvan op p.153: “Duitsers zouden naar verluidt geen humor hebben, terwijl Monty Python, Mr.Bean en Blackadder wereldberoemd zijn.”

Een ander voorbeeld van vooringenomenheid staat op p.265 over Monsanto en glyfosaat.

Bij hem lees ik dat de schadelijkheid onbetwist is, in het ledenblad van SKEPP: “er is voldoende aangetoond dat glyfosaat in vergelijking met andere onkruidverdelgers – ook degene die in de biolandbouw gebruikt worden – minder doorweegt op het milieu en de gezondheid en effectiever is”.

In een interview zegt Dirk Inzé: “Glyfosaat is op zichzelf onschuldig. In grote hoeveelheden is het toxisch, maar als je 20 liter water drinkt, ga je ook dood.” Carey Gillam wordt opgevoerd als een “journalist geviseerd door Monsanto”, terwijl ze in 2015 al ontslagen is door Reuters omdat ze Monsanto viseerde.

Door andere journalisten wordt ze een complottheoretica, activiste voor de Organic food lobby en/of geobsedeerde cherry-picking aandachtzoekster genoemd.

Ik voel me niet bevoegd om te besluiten dat de schrijver door leugens verleid is. Ik heb enkel al googlend wat opzoekingswerk gedaan over zaken waarvan ik iets afweet.

Klerks past dikwijls inzichten rechtstreeks toe op Nederland, wat zijn boek voor de Vlaamse lezers toch iets minder interessant maakt.

In de uitgebreide bronnenlijst vinden we – naast meer dan 500 Engelstalige werken – Johan Braeckman en Maarten Boudry: “De ongelovige Thomas heeft een punt”.

De begrippenlijst is zeker nuttig, de lijst met bronnen indrukwekkend. Het personenregister en het zakenregister vergemakkelijken het opzoeken.

 

Auteur: Peter Klerks

uitgeverij: Prometheus

IBAN: 978 90 446 4576 7

 

Recensente: Gerda Sterk, lid van VJV, SKEPP.

 

0
0
0
s2smodern

Wie at de éérste oester ? - Cody Cassidy

Oester.jpg

 

Het ware verhaal achter de belangrijkste ontdekkingen ooit


auteur: Cody Cassidy -uitgeverij Prometheus - ISBN 978 90 446 4632 0


Afgaande op de titel zou je denken dat het boek over triviale weetjes gaat. Niets is minder waar! Elk hoofdstuk bespreekt Cassidy een uitvinding/ontdekking die van vitaal belang bleek voor het voortbestaan en huidige succes van de homo sapiens.

Om een oester te plukken moest “Oestermeisje” weten wanneer het superlaag getij optrad. Op de zuidpunt van de Afrikaanse kust (waar archaeologen grote hopen schelpen vonden) is dat elke
maand gedurende een paar dagen een paar uur. Ze was dus ook nog de eerste astronoom.


Het hoofdstuk daarvoor behandelt de beheersing van het vuur. Dat is een ontdekking waarvan we het belang elke dag ondervinden, maar er is méér. Niet alleen waren de juiste stenen (pyriet)vereist, de homo habilis moest uitdokteren hoe het vuur brandend te houden.


Door het eten van gekookt voedsel kregen we meer calorieën binnen, veranderden onze tanden, werden de magen kleiner, de darmen korter en groeiden onze hersenen, zodat we
nog méér gekookt voedsel nodig hadden. Cassidy wijst erop dat het beheersen van vuur zich niet enkel beperkte tot eetgewoontes. Slapen rond het vuur was veiliger. De mensen
waren bijna hun vacht verloren, dus was de warmte welkom.

Samen rond een vuur zitten nodigt uit tot verhalen vertellen... Wie stookte dat eerste vuurtje? Wie dronk het eerste bier? Wie was de eerste ruiter? Wie tapte de eerste mop?


De auteur schetst de wereld van onze voorouders. Hij speculeert, maar op grond van gegevens die hem aangereikt zijn door specialisten ter zake. Een blik op Bronnen laat zien dat hij tientallen wetenschappers interviewde en/of hun boeken las. Het boek is een mengeling van evolutionaire biologie, archeologie en antropologie en dat allemaal gepresenteerd in een erg prettige, soms ronduit humoristische verwoording.


Een tijdlijn geeft aan wanneer de uitvinding vermoedelijk plaats vond. Een landkaart laat zien waar dat gebeurde en wanneer. Elk van de 17 hoofdstukken begint met een klok en de
woorden: “Als de tijd die onze soort op aarde rondloopt een dag was, vond dit plaats o  ... minuten voor middernacht (x jaar geleden)”.

Een rudimentair landkaartje geeft de plaats aan. Hij beantwoordt niet alleen de titelvraag, hij bouwt er een onderhoudend verhaal rond. Hij introduceert een persoon, legt uit waarom het een vrouw of een man was, maakt die levensecht door haar of hem een naam te geven, schildert de omstandigheden waarin de ontdekking gedaan werd en de gevolgen ervan voor de homo sapiens.

Soms kijkt hij naar andere dieren: doen chimpansees dit of dat ook?


“Wie schilderde het eerste meesterwerk?” heb ik gelezen met de rotsschilderingen uit de Chauvet-grot erbij (Google maakt dat tegenwoordig eenvoudig) omdat Cassidy zich ontpopt tot een interessante kunstcriticus. Tegelijk laat hij in elk hoofdstukje zien dat de prehistorische mens absoluut niet die domme holbewoner kan geweest zijn die wij ervan gemaakt hebben. Integendeel, uit elke ontdekking blijkt dat er dikwijls een Da Vinci- achtige Uomo universale tussen zat.

Wat de allereerste uitvinding was, zo’n 3 miljoen jaar geleden, zal de lezer(es) verrassen. Ik verklap het niet, enkel dit: deze ontdekking (en al de anderen) is gebaseerd op eenwetenschappelijk onderbouwd uitgangspunt, maar zo prettig en duidelijk verteld dat je geen universitair diploma nodig hebt om het te lezen en te begrijpen!


Recensente: Gerda Sterk, lid van HV, VJV, SKEPP

0
0
0
s2smodern

Het Drielichamen probleem - Liu Cixin

download.jpg

 

Het Drielichamenprobleem is het eerste van een trilogie uitgestrekt over ruimte en tijd. Het voortbestaan van de aarde en dus van de mensheid staat op het spel. In die
zin vertelt dit boek niks nieuws, bijna elke science fictionfilm draait om dit gegeven.


De eerste hoofdstukken dompelen ons onder in de Culturele Revolutie van 1967 en voor zover ik dat – Google gewijs – kan verifiëren is dat geen SF, maar bikkelhardewaarheid. Strijdsessies viseerden de vijanden van de nieuwe orde, bv. wetenschappers. Om tegelijk het volk op te voeden, werden ze voor een menigte gezet die meehielp om hen verbaal en fysiek te vernederen en te kwellen tot ze hun “misdaden” bekenden.

 

Zo ziet Ye Wenjie, één van de voornaamste hoofdpersonen, hoe De Rode Garde haar vader doodslaat, opgehitst door het volk. Deze ervaring zal uiteindelijk over het lot van de aarde beslissen! Het speciale in dit boek is dat een later onderzoek van Wang uitmondt in een online game waarbij het niet duidelijk wordt of de dreiging reëel is of virtueel.


Dit boek valt te situeren tussen “hard sci-fi” en “soft sci-fi” (véél wetenschap of bijna geen wetenschap). Cixin demonstreert een grote kennis van deeltjesfysica, moleculaire biologie, snaartheorie (in het boek “snarentheorie”) en computer science. Het komt allemaal van pas enkel al om de titel te verklaren.

De Trisolaranen moeten namelijk een oplossing vinden om de effecten van de werking van drie zonnen te bestrijden en gelukkig voor hen (pas op p. 272) is er een planeet die
contact met hen maakt (Aarde!) en beginnen ze aan de voorbereiding om die te stelen. Voor een leek is de wetenschappelijke uitleg niet altijd gemakkelijk te volgen. Kenners zeggen dat de uitleg nooit saai wordt, sommigen vinden het nonsens, anderen roemen dan weer de juistheid ervan.

Ik hou van een goed omkaderd verhaal met hoofdpersonen met wie ik kan meeleven en die ontbreken zo goed als volledig. Cixin heeft een afstandelijke verteltrant, zonder al te veel
positieve menselijke gevoelens te benadrukken. De dialogen zijn eerder schrijftaal en er wordt redelijk wat “les gegeven”, maar er zijn zeker ook filosofische en poëtische beschouwingen.
Liu is de bekendste SF-auteur van China.

Hij is al meermaals bekroond, onder meer met de prestigieuze Hugo Award voor dit boek. Het werk werd geschreven in 2006, naar het Engels vertaald in 2015 en op die vertaling is de Nederlandse van 2020 gebaseerd. De voetnoten zijn van Liu en maken de Chinese geschiedenis voor de Westerse lezer wat duidelijker.


Een bedenking. In Wikipedia lees ik: “de politieke opvattingen van Liu sluiten nauw aan bij die van de Chinese regering. In een interview in 2019 in The New Yorker uitte hij zijn ondubbelzinnige steun voor het beleid zoals de heropvoedingskampen

in Xinjiang en de eenkindpolitiek.” Na het lezen van de eerste hoofdstukken is de lezer doordrongen van het gevaar dat iedereen bedreigde die het niet eens was met
de leiding.

Zou dat al veranderd zijn?


Recensente: Gerda Sterk, lid van VJV en SKEPP

 

0
0
0
s2smodern

Boekrecensie - 1001 Nacht - Een Hervertelling - Kader Abdolah

1001_Nacht.jpg

 


Iedereen weet dat Sheherazade haar verhalen aan de machtige koning moest vertellen om aan de dood te ontsnappen. De vorst was bedrogen door zijn echtgenote en vertrouwde geen enkel meisje meer.

Omdat hij niet van plan was zich het genot te ontzeggen dat een jonge maagd hem kon geven, had hij een goede oplossing bedacht: hij liet het meisje
vermoorden na de eerste “huwelijksnacht”. Niemand kon de koning tegenspreken en dus zou er al snel een tekort aan huwbare vrouwen zijn, ware het niet dat Sheherazade
onbevreesd haar groot talent inzette: zij was mooi, maar ze was vooral een uitstekend vertelster.

Elke avond eindigde ze het verhaal met het vooruitzicht op een spannend vervolg, zodat de koning haar spaarde. De auteur is in Iran opgegroeid met deze verhalen, schrijft hij in zijn inleiding, al las hij vroeger telkens maar een paar bladzijden. Daarvoor geeft hij geen reden, maar het zijn natuurlijk geen kinderverhalen, het zijn wel degelijk sprookjes voor volwassenen. In nogal wat verhalen gaat het over verliefd worden, lust, macht, ontrouw, mishandeling en moord, meestal met een onderliggende boodschap.

De auteur legt op blz. 170 uit dat het in hoofdzaak gaat om “de eenvoudige mens van levenservaringen te voorzien”. Zoals het voor sprookjes betaamt treden er bovennatuurlijke krachten in werking. Het verschil met Europese sprookjes is dat er niet alleen tovenaars en heksen optreden, maar ook duivels en djinns die je in flessen kan
opsluiten of ze op eigen risico kan bevrijden.

Een verschil is ook dat God nooit veraf is, maar pas ten tonele verschijnt nadat “het lot” het leven van een mens heeft doorheen gegooid.


Abdolah plaatste op de kaft: “EEN HERVERTELLING” en dat is wat hij doet. De intriges blijven behouden, maar ze zijn aan de moderne lezer aangepast wat stijl en taal betreft. De
eerste uitgaven (bv. de bekende Antoine Galland, die hij vermeldt op p. 154) zijn zo stroef geschreven, dat het lezen een opgave wordt. Opvallend zijn andere aanpassingen. Zo viel
me op dat in de Galland-vertaling staat: “ “Masoud!Masoud!” en terstond klom er een andere zwarte uit de kruin van een boom... .” Bij Abdolah klimt de slaaf/dienaar niet uit
een boom (!) en is hij niet zwart: “De sterke Masoud kwam opnieuw vanachter de bomen te voorschijn.”


Kader Abdolah last regelmatig bedenkingen en uitleg in, zodat zijn boek nog méér “een kruispunt wordt van Oost en West” dan de oorspronkelijke Franse en Engelse vertalingen.
De lezer zou bv. nooit opmerken dat er achter de verhalen als een onzichtbare rode draad de altijd durende politieke spanning tussen de Arabieren en de Perzen aanwezig is (p. 281).
Hij eindigt met de mededeling dat hij niet alle verhalen heeft opgenomen, maar er bewaart voor deel II.


Kader Abdolah is een schrijversnaam. Hij vluchtte uit Iran in 1985 en kwam in Nederland terecht. Op p.281 schrijft hij: “Ik zie dit hervertellen als het werk van een schrijver in
ballingschap, ... en geleidelijk aan besefte ik dat ik eigenlijk de Nederlandse taal geleerd heb om dit werk te doen.”


Gerda Sterk, lid van VJV, SKEPP

2020 Kader Abdolah
2020 Prometheus Amsterdam
www.uitgeverijprometheus.nl
ISBN 978 90 446 3896 7

0
0
0
s2smodern