Cultuur In Beeld zoekt medewerkers om mee te helpen om ons cultureel patrimonium in beeld te brengen.
Schrijft u graag over wat er te doen is in ons Vlaanderen? Dan is dit mogelijk uw ding.
U komt terecht in een leuk team.. Interesse? mail naar: Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.

Artikels

GESCHIEDENIS BLOEMENCORSO BLANKENBERGE SINDS 1885...

Lees meer: ...

Reeds in 1895 kon de badstad Blankenberge prat gaan op een trouw zomerpubliek dat er kwam kuren. Een actief en intensief verblijf aan zee werd het parool zodat men met vernieuwende initiatieven het publiek probeerde aan te spreken. Een bescheiden tentoonstelling is hierover te zien in de hoofdkerk van Blankenberge deze zomer. Maar het betekende ook de start van een bloemencorso geschiedenis...

In 1895 ontstond er een feestcomité 'Blankenberghe-Fêtes' dat een zomerprogramma opmaakte met heel wat attracties en feestelijkheden. Eén van deze feesten was een 'Corso Fleuri' of bloemenstoet, georganiseerd door het bestuur van de Pier op zaterdag 31 augustus 1895. Deze eerste bloemenstoet zou op de Pier plaatsvinden en dit onder het kritisch oog van een jury. De deelname was voorbehouden aan kinderen met versierde en bebloemde karretjes, kruiwagentjes, emmertjes, schoppen en hoepels en aan dames en juffrouwen met bebloemde zonneschermen die voor een jury een bloemstuk hadden gemaakt. Het succes van de eerste bloemenstoet was een stimulans om met dit initiatief door te gaan. De Zeedijk met zijn riante villa's werd voortaan het decor voor dit jaarlijks zomerevenement.

De tweede 'Corso Fleuri' viel op 4 september 1896 en had werkelijk alle ingrediënten van de latere stoeten: verklede kinderen die bloemen wierpen, kleurrijk aangeklede groepen, grote en kleine bloemenwagens door kinderen of door paarden getrokken, bebloemde fietsen, opgetooide paarden, pony's … en de stoet voorafgegaan en afgesloten door een muziekkorps.

De bloemenstoet, als kinderfeest gestart op de Pier, groeide praktisch onmiddellijk uit tot een topgebeuren dat heel wat kijklustigen naar de oude vissersstad lokte. Jaar na jaar poogden de inrichters, met de steun van het gemeentebestuur, van de bloemenstoet een mooi en aantrekkelijk spektakel te maken wat dan ook ten zeerste gewaardeerd werd.

Eerste Wereldoorlog. Na de Eerste Wereldoorlog richtte men de bloemenstoet opnieuw in waarbij tijdens de eerste naoorlogse jaren geld werd ingezameld ten voordele van de oorlogsverminkten. 

1922. "Tijdens de Corso Fleuri ten voordeele van de oorlogsverminkten was veel volk gaan zien op het terras van het in heropbouw zijnde Hôtel des Familles". Tegen de algemene verwachtingen in herpakte het toerisme zich vrij snel en de zomer van 1923 werd reeds tot een topseizoen uitgeroepen: "Sedert 1911 is er tot nu geen voordeliger jaar geweest voor de zeebaden dan het tegenwoordige". 
Ook ter gelegenheid van de bloemenstoet op 19 augustus 1923 was Blankenberge het trefpunt van vele toeristen en dagjesmensen. Speciale treinen waren ingelegd en ... "sur la digue c'était la grande foule"

De bloemenstoet bleef op het einde van augustus het grote publiek naar de badplaats lokken waarvoor de inrichters telkenmale een mooie kleurrijke manifestatie probeerden te brengen. 

1924. "Geen ijver noch werkzaamheid was gespaard om zooveel luister mogelijk bij te zetten. Het mag gezegd worden dat men zich aan zulken schoonen stoet niet had verwacht. Hoe sierlijk waren de papieren kleedjes van de meisjes, de in bloemen gehulde trottinetten, de jonge Japanners en Chineezen, de Hollandse boertjes en boerinnetjes, verschillige rijk gekleede jonge trouwers, jonge turners en baders, enz. en als slot van den stoet een praalwagen". 

Lees meer: ...

De Tweede Wereldoorlog. De Tweede Wereldoorlog legde andermaal voor jaren het toeristisch bedrijf stil. Blankenberge was in 1946 één van de eerste badplaatsen die op meer dan behoorlijke wijze de vakantiegangers kon ontvangen. De feestelijkheden hernamen waaronder in 1947 de bloemenstoet die onmiddellijk vanwege het schepencollege speciale aandacht kreeg: "C'est en 1948 que, sous l'impulsion de Mr. M.Devriendt, Bourgmestre de Blankenberge, le corso prit une ampleur spectaculaire"

Feestcommissaris Gerard Debruyne en zijn opvolger Fernand Decock alsook directeur van toerisme Jerome Aspeslagh legden in die jaren de contacten met bloementelers uit het binnenland, met groeperingen en muziekmaatschappijen voor deelname. 
Traditioneel bestonden de bloemencorso's uit een diversiteit van ideeën, ontsproten aan de fantasie en de creativiteit van de deelnemers, die telkenmale 'bloemrijk' werden uitgebeeld:

Roodkapje en de Wolf, Tiroolse bloemenmeisjes, Chineesjes en Japanners, Eendenhoedster, French Cancan, Majoretten, Tour de France, Vissers en Visserinnetjes ... - Praalwagens zoals Noordzeegolven, Reddingsboot, Folies Bergères, Zomerlust, Lentefantasie, Sledevaart in Alaska, Vliegende Schotels, Ben Hur ... Bebloemde personenwagens waarover de volgende getuigenis: "Met een wagen kan je alle kanten op. Maar om er eentje te zien die meer op een bloemenruiker geleek dan op een wagen, moest je naar de bloemencorso in Blankenberge". 

Bloementelers uit Maldegem, Lebbeke, Zaffelare, Zeveneken, Sint- Gillis Dendermonde, Mechelen, Bergen op Zoom dongen met hun praalwagens naar de gunst van publiek en jury. Als trouwe Blankenbergse deelnemers treffen we in de programma's de Pingouinclub o.l.v. mevr. Stubbe-Eerebout, mevr. Verhoye- Haeghebaert, mevr. Petit, de Confrerie van de Leute en het casino. 

Lees meer: ...

De bloemencorso's bleven evenwel op de oude leest geschoeid - geen grondige vernieuwing - en op het einde van de jaren zestig wezen de verslaggevers er op dat de bloemencorso's "tot verouderde manifestaties dreigden te degraderen"
Een nieuwe politieke coalitie (SP-PVV) kwam in januari 1971 te Blankenberge aan het bewind en zette onmiddellijk alles in het werk om in de badplaats een vernieuwende dynamiek te brengen. Heel wat geld werd o.m. geïnvesteerd om het toerisme - belangrijkste bron van gewin - via topmanifestaties te promoten waaronder de oude 'Corso Fleuri'. 

De bloemenstoet van 1971 oogstte reeds bijzonder veel bijval en lof. Het Volk blokletterde "Blankenberge doet het na 25 jaar steeds mooier. Een bloemencorso om nooit te vergeten". 

Vernieuwing en herbronning waren noodzakelijk. Het publiek, meer en meer verwend door spektakel op tv, stelde steeds maar hogere eisen zodat het schepencollege voor de regie van de bloemenstoet een beroep deed op Remi Van Duyn die als regisseur heel wat faam had. Zijn belangrijkste vernieuwing was de opbouw van de stoet rond een thema met daarbij meer ritme en beweging waarmee hij jaar na jaar buitengewoon succes boekte. Daar waar in de buurgemeenten zoals bv. Knokke-Heist de bloemenstoet uit het zomerprogramma verdween, groeiden die te Blankenberge onder zijn regie en die van zijn opvolgers tot topevenementen uit. 

Bieke Van Duyn. Toen Remi Van Duyn in het voorjaar van 1982 plots overleed, nam zijn echtgenote Bieke Van Duyn de leiding over en werkte in dezelfde zin verder. 
Guy Helsen regisseur bij de BRT en daarna bij VTM, kreeg in 1986 van de stad de opdracht. Sinds 1993 berustte de regie bij stadsgenoot Paul Dessein die zich verder liet inspireren en leiden door een thematische aanpak. Dank zij de grote financiële inbreng van het stadsbestuur. In 1994 staat drie miljoen fr. en voor 1995 vier miljoen fr. ingeschreven dank zij de vernieuwing en dank zij de inzet van velen blijft de Blankenbergse bloemencorso een smaakvol en bezienswaardig spektakel. 

Het spektakel dat in de eerste plaats te danken is aan de ontwerpers en de bouwers van de praalwagens waarover Jos. Jurewytz van 't Pekstratje volgende poëtische ontboezeming neerschreef: 

"Beblomde wagens spel van kleuren, 
die in 't poeïerend zonnelicht openfleuren, 
slieren slank voorbij, 
dragend de zachte last van blommen-meisjes, 
die op maat van spel en klank, 
als nimfen vleugel-dansen doen. 
'n Wuivende waaier in de wind, 
door een mensenzee onstuimig begroet."

Het is en blijft een ongeëvenaarde prestatie om sedert 1895 het toeristisch hoogseizoen af te sluiten met dergelijk bloemen-spektakel en het de duizenden vakantiegangers en belangstellenden aan te bieden als een kleurrijk afscheid. 

Lees meer: ...

Jan en Hans Vanquathem. Sinds 2003 berust de regie bij vader Jan en zoon Hans Vanquathem die telkens zorgen voor een artistiek en esthetisch succes met een fantastische dynamische uitstraling. Mede dankzij de grote financiële inbreng van het stadsbestuur, de vernieuwing en dank zij de inzet van velen blijft het Blankenbergse bloemencorso een smaakvol, kleurrijk en bezienswaardig schouwspel. Spijtig genoeg overleed regisseur Jan net voor de vakantie dit jaar na een dramatisch fietsongeval in Blankenberge. Jan Vanquathem (66) wou het zebrapad oversteken met zijn fiets toen hij werd aangereden door een 53-jarige chauffeur. In Blankenberge stond de wereld even stil.

Zijn zoon Jan zal zijn werk verder zetten en ongetwijfeld eind augustus een puik staaltje regisseurskunst neer zetten. Dat de carnavalsstad Aalst de laatste jaren meer en meer bijdraagt tot het welslagen aan dit unieke Bloemencorso, is mede aan de Vanquathems te danken. Aalst is in Blankenberge een waardige ambassadeur!

Corso 2017. Het corso 2017 draait rond dieren. Anihmalia een zoo van dieren. Om een samenhangend geheel te vormen werken zij met: spreekwoorden, gezegden en uitdrukkingen rond dieren of rond typische eigenschappen van dieren. 

bron: "Honderd jaar Bloemenstoet te Blankenberge 1895-1995", Robert Boterberge

(m.stAs / foto's: FNP-archief en Koen De Vogelaere)

Lees meer: ...

Lees meer: ...

 

 

0
0
0
s2smodern

Zandsculpturenfestival Oostende voor Mickey & co.

Lees meer: ...

Voor de 25e verjaardag van Disneyland Parijs haalt het Zandsculpturenfestival Oostende alles uit de kast: een recordaantal figuren en twee kastelen. En media-aandacht tot in Amerika...

In weer en wind, maar vooral in een verzengende hitte bouwden Russische en Italiaanse zandsculpteurs vijf weken lang elk aan hun gigantisch sprookjeskasteel van bijna 10 meter hoog. De Italianen werkten zich uit de naad om een kopie van het kasteel van Assepoester uit Disneyland in de V.S. na te bouwen. De Russen zochten inspiratie in het kasteel van Doornroosje in Disneyland Parijs.

“Hier zijn scènes te zien uit de nieuwste Disneyfilms te zien, maar ook de klassiekers en de figuren van Pixar en Marvel. Ook de nieuwe Star Wars-film krijgt hier aandacht. Aan de inkom is het icoon Mickey Mouse te zien want die mocht niet ontbreken. De magie van de zandsculpturen is na twintig jaar even onsterfelijk als de sprookjesfiguren van Disney zelf”, zegt organisator Alexander Deman aan Cultuur in Beeld.

De zandsculpturen hebben de juli-maand goed overleefd aan onze vaak wispelturige kust van regen, wind, storm en zon. De 80 creaties van 32 artiesten uit 12 landen zijn nog te zien tot en met 10 september. Het festival naast de westelijke havendam in Oostende is dagelijks te bezoeken tussen 10 en 19 uur. 

info: www.zandsculpturen.be

(stAs / foto's: mas en fb-Hilde S.)

Lees meer: ...   Lees meer: ...

Lees meer: ...  Lees meer: ...

Lees meer: ...

 

 

0
0
0
s2smodern

Blankenberge het oudste nog rijdende bloemencorso van de Lage Landen.

Lees meer: ...

Bloemencorso’s zijn er al heel lang. En blijven tot de verbeelding spreken. Maar waar komen ze vandaan? Wie komt er op het idee om een optocht te houden van wagens vol bloemen?

Optochten kennen een lange historie. Denk maar eens aan religieuze processies, aan militaire parades of intochten. Ook bij begrafenissen en bruiloften van de adel is het houden van een optocht al eeuwenlang onderdeel van de plechtigheid. Tekeningen in de piramiden in Azië, Mexico en Egypte tonen dat optochten al duizenden jaren onderdeel zijn van onze tradities. Ook de oude Grieken en de Romeinen hielden optochten. In feite zou je zelfs de jachtrituelen van onze voorvaderen als een optocht kunnen beschouwen. De Grieken haalden jaarlijks Bacchus binnen op een scheepswagen. Het verhaal gaat dat deze wagen in de loop der tijd de naam Carrus Navalis kreeg.

Een belangrijk keerpunt in de ontstaansgeschiedenis van corsowagens vinden we in de Middeleeuwen in Spanje. Op belangrijke feestdagen was het gebruikelijk dat er in de kerk Mirakelspelen en Passiespelen werden opgevoerd. De spelen werden steeds populairder en verplaatsten zich naar het terrein rond de kerk of naar een groter centraal gelegen terrein van de stad. Om de grote aantallen bezoekers het verhaal te kunnen vertellen werd hetzelfde toneelstuk steeds op een ander punt in de stad opgevoerd, daarom werden verplaatsbare decors gebouwd. In navolgende edities van het evenement werden meerdere rondtrekkende podiumwagens gebruikt en werd op ieder podiumwagen een deel van het (bijbel)verhaal verteld.

De optochten waren enorm populair en werden door de kerken in heel Europa overgenomen. Zo was er in Antwerpen in 1398 al een processie met wagens waarop stomme vertoningen werden gegeven. Aalstenaar Pieter Coecke maakte voor één van deze processies een reus, tot op vandaag in gebruik. Ook bij de ommegang van 1413 in Bergen op Zoom werden wagens gebruikt. Het duurde dan ook niet lang voordat de wagens in vele processies en optochten in Nederland en België opdoken. In Noord-Frankrijk werd aan de optochten zelfs een wedstrijdelement toegevoegd. Een voorbeeld hiervan is het Jeux sur Cars 1490 in Arras.

De populariteit van de optochten nam af toen de mensen leerden lezen en ze de bijbelverhalen dus gewoon uit het boek zelf konden halen, in plaats van uit een afbeelding op een wagen. Deze oeroude optochten vormen echter wel de basis van de hedendaagse stoeten, zoals de carnavalsoptochten en ook de corso’s.

Het Carnaval van Nice.

De stad Nice in Frankrijk kent een rijke carnavalstraditie. Niet alleen het volk, maar ook de adel trok in groten getale naar Nice om zich een paar dagen lang over te geven aan de Lentefeesten. De invloeden van het Italiaanse carnaval zorgden ervoor dat de feesten een gedaanteverwisseling ondergingen. Vanaf 1830 werd een parade aan de carnavalsfeesten toegevoegd. Later kwam er ook een wedstrijdelement bij. De eerste wagens waren gemaakt in een allegorische stijl, en werden ook wel met bloemen versierd.

Tot in 1875 een nieuw concept zijn intrede deed. De wagen ‘Ratapignata’ was een replica van een burcht met zo’n veertig levensechte vleermuizen, omringd door een wolk van kalk. Hoewel de wagen een verpletterende indruk had gemaakt op zowel het publiek als de organisatie, won ze niet de eerste prijs. Diverse bestuursleden namen afstand van hun taken en de organisatie werd letterlijk in tweeën gespleten. In 1876 ontstonden dan ook twee nieuwe evenementen: de carnavalsparade en het bloemencorso (‘La bataille des fleurs’, letterlijk de strijd van de bloemen). Beide evenementen worden tot op de dag van vandaag in Nice georganiseerd.

De carnavals- en corsostoeten blijken dezelfde wortels te hebben.

Ter promotie van het prachtige Pasadena (bij Los Angeles in Californië) zocht een groep vooraanstaande leden van de Valley Hunt Club naar een bijzonder evenement. Toen een van de leden de aandacht vestigde op de bloemen die vanwege het gunstige klimaat in Californië altijd bloeien, merkte Dr Francis Rowland op dat zijn vrouw net terug was gekomen van een bezoek aan ‘La Bataille des Fleurs’ in Nice. “Laten we ons evenement het Festival of Roses noemen.”

De eerste parade wordt gepland op de eerste dag van 1890. De Pasadena Rose Parade, het grootste corso ter wereld, vindt tot op heden plaats op 1 januari. Ter ere van de kroning van King Edward VII volgt ook Jersey in de voetsporen van Nice. Op 9 augustus 1902 wordt daar de eerste Battle of Flowers gehouden.

Blankenberge.

Ook in de lage landen duiken de eerste corso’s op. Zo wordt in Haarlem een jaarlijks bloemencorso gehouden. In 1896 verschijnt zelfs een van de eerste corsoboeken: ‘Herinnering aan het Bloemen-corso’.

In 1895 wordt er in Blankenberge een ‘Corso Fleuri’ georganiseerd. De deelname was voorbehouden aan kinderen met versierde en bebloemde karretjes, kruiwagentjes, emmertjes, schoppen en hoepels en aan dames en juffrouwen met bebloemde zonneschermen die voor een jury een bloemstuk hadden gemaakt. De tweede ‘Corso Fleuri’ volgde op 4 september 1896 en had werkelijk alle ingrediënten van de latere stoeten: verklede kinderen die bloemen wierpen, kleurrijk aangeklede groepen, grote en kleine bloemenwagens door kinderen of door paarden getrokken, bebloemde fietsen, opgetooide paarden, pony’s … en de stoet voorafgegaan en afgesloten door een muziekkorps.

In 1898 maakt het fenomeen bloemencorso een groeispurt door. Dat jaar worden ter ere van de achttiende verjaardag en de kroning van koningin Wilhelmina in Nederland in diverse plaatsen bloemencorso’s georganiseerd. Er rijden bloemencorso’s in Amsterdam, Groningen, Den Haag, maar ook in talloze kleinere plaatsen zoals Winterswijk en Lichtenvoorde.

Er is inmiddels veel literatuur verschenen over bloemencorso’s en stoeten in het algemeen. Bij dit artikel is o.a. gebruik gemaakt van de volgende boeken:

*Harman, H. (1930). Decorated and Advertising Vehicles. Blenford Press Ltd.
*Sidro, A. (1993). Carnival in Nice. Nice: Serre Editeur.
*Vaughn, L. F. (1956). Vaughn’s Parade and Float Guide. Minneapolis
U.S.A.: The Brings Press.

(©stAs) (foto's:archief FNP en Koen De Vogelaere)

Lees meer: ...   Lees meer: ...

 

Lees meer: ...  Lees meer: ...

 

Lees meer: ...

 

0
0
0
s2smodern

Aalst klaar voor 48ste Pikkeling, Oogst- en Folklorefeest.

Lees meer: ...

Met de opening van het  bloementapijt start het Oogstfeest op Moorsel Dorp, woensdag 26 juli om 19 uur. Met het bloementapijt brengt de Pikkeling de bloementeelt ooit zeer aanwezig in de Faluintjes in herinnering. 

Ieder jaar tijdens het laatste weekend in de maand juli, vindt in de Faluintjesstreek – afwisselend in de Aalsterse deelgemeenten Baardegem, Herdersem, Meldert en Moorsel – een oogstfeest plaats, genaamd ‘de Pikkeling’. De belangrijkste facetten hierbij zijn de traditionele dans en muziek uit diverse landen, de internationale folklore, de veldactiviteiten en de streekgastronomie. En telkens opnieuw telt deze VVV De Faluintjesstreek-organisatie duizenden belangstellenden.

Dit oogstfeest brengt een ode aan de vreugde om de oogst. De karakteristieke Vlaamse oogsttaferelen worden natuurgetrouw gedemonstreerd. Typische streekgerechten worden gepromoot en er wordt ruime aandacht besteed aan de internationale folklore.

Vanwaar de naam ‘Pikkeling’?  Na maanden voorbereidend werk van de landbouwer, komt het hoogtepunt dat jaarlijks gevierd wordt op het pikkelingfeest: de oogst. 

Met pik en haak worden de graanhalmen gemaaid per schoof. De ongebonden schoven worden zorgvuldig neergelegd. De neerliggende halmen is in oorsprong een “Pikkeling”. Hierna – meestal gebeurt dit door de vrouwen – worden deze schoven vastgebonden. Dit gebeurt met een handgreep strohalmen, die in het midden van de schoof vastgesnoerd wordt. Dan worden de schoven rechtgezet zodat deze nog een paar dagen kunnen drogen.

Dit gebeurt door het centraal rechtzetten van een schoof, waarrond dan nog een aantal schoven schuin worden geplaatst, zodat een eventuele windstoot deze schoven niet zomaar kon omver blazen. Deze werkzaamheid noemt men het stuiken. De rechtgezette en te drogen staande schoven tezamen noemt men vaak een “tienling” omdat vaak 10 schoven werden rechtgezet. Dit ganse gebeuren – pikken – binden – stuiken – vormt uiteraard het centrale gedeelte van het feest.

De Pikkeling groeide sinds 1970 uit tot een zeer sterk gedragen traditie, helemaal ingebed in de lokale gemeenschap van de Faluintjesgemeenten.  Het is een goed georganiseerde en stabiele organisatie met een ruime betrokkenheid van de lokale gemeenschap, die steun geniet van de lokale handelaars, overheid en pers. Van plaatselijk gastgezin tot buitenlandse volksdanser, van het maken van een bloementapijt tot het leren bakken van ovenkoeken, van technische ploeg tot muzikant, van doorgewinterde ambachtslui tot ‘vlegelaars in opleiding’, van plaatselijke jongeren achter de bar tot bezoeker van de andere kant van het land: de Pikkeling is een volksfeest waar groot en klein, oud en jong, behoudsgezind en vooruitstrevend zijn gading vindt. Hiervoor werd het door de Vlaamse regering op de lijst van het Immaterieel Erfgoed geplaatst. 

Pikkeling 2017: 26 juli – 2 augustus 2017.

info: www.de-pikkeling.be

(stAs)

Lees meer: ...

Lees meer: ...

Lees meer: ...

Lees meer: ...

Lees meer: ...

Lees meer: ...

Lees meer: ...

Lees meer: ...

Lees meer: ...

 

0
0
0
s2smodern

OPROEP: REPRODUCTIES BRUEGEL GEZOCHT IN KADERS EN OP KOEKENDOZEN...

Lees meer: ...

In 2019 is het 450 jaar geleden dat de kunstenaar Pieter Bruegel overleed. Voor een project dat dan in de regio Pajottenland & Zennevallei zal plaatsvinden, wordt gezocht naar reproducties van werken van Bruegel. Wie kaders, schilderijen of blikken dozen met een afbeelding van een werk van Bruegel bezit en deze niet meer nodig heeft, kan contact nemen met Erfgoedcel Pajottenland Zennevallei.

In 2019 slaan heel wat verenigingen, gemeenten en inwoners uit Pajottenland & Zennevallei de handen in elkaar voor de organisatie van een regionaal Bruegeljaar vol activiteiten en beleving. ‘Onze’ landschapsschilder is dan immers 450 jaar overleden en zal ook nationaal en internationaal in de kijker staan. Boeren-Bruegel blijft inspireren en geeft betekenis, kleur en smaak aan onze regio: landschap, erfgoed, toerisme, streekproducten, cultuur… anno 2019. In Antwerpen en Brussel zullen grote tentoonstellingen worden georganiseerd, maar ook hier in de regio staan er boeiende projecten gepland om Bruegel in de kijker te plaatsen.

In het kader van één van deze Bruegelprojecten is Erfgoedcel Pajottenland Zennevallei op zoek naar reproducties van werken van Bruegel. In 2019 willen we illustratoren artistiek aan de slag laten gaan met deze reproducties. Bruegel liet zich beïnvloeden door de toenmalige Pajotse landschappen, bewoners en cultuur. In dit project zullen illustratoren de werken van Bruegel beïnvloeden met hun waarnemingen van de hedendaagse Pajotse omgeving.

Heb jij nog een ingekaderde Bruegel in de kelder staan of een koekendoos met een Bruegeliaanse afbeelding op de zolder liggen? Laat het weten! Ze zoeken kaders, schilderijen, blikken dozen of andere objecten in alle formaten met een afbeelding van een werk van Bruegel. Mail naar Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken. of bel T: 02 451 69 49. 

(mas)

0
0
0
s2smodern

Tradities en gebruiken uit de Heistse visserij in expo.

Lees meer: ...

Met de tentoonstelling "Tradities en gebruiken uit de Heistse visserij" keren we terug naar de 19de en begin 20ste eeuw om u een blik te gunnen op de Heistse vissers en hun leven en werken. In die periode maakte de Heistse visserij een grote evolutie mee. Heist-aan-Zee, het minder bekende broertje van Knokke-Heist, maar daarom niet minder levendig. Een kustdorp met een actueel erfgoedleven.

De manier van vissen en de Heistse schuiten wijzigden sterk. Met de komst van de haven van Zeebrugge ging de evolutie nog sneller. Gelukkig werd er gefotografeerd en vooral veel geschilderd door kunstenaars die aangetrokken werden door het prachtige licht en de mooie plaatjes die de gestrande schuiten op het strand opleverden.

Ontdek en proef opnieuw het zilte op de lippen van onze stoere zeebonken via vissersliederen die u begeleiden tijdens uw bezoek.

Nog tot 24 september 2017-gratis in Sincfala, Museum van de Zwinstreek (Knokke-Heist). 

In Sincfala dompel je in het Oud Schoolgebouw (1899) onder in het harde leven van de Heistse vissers en hun familie: hoe woonden ze, hoe zag een klas eruit, welk vertier was er in de plaatselijke cafés, hoe evolueerde de scheepsbouw, hoe was het leven aan boord van een vissersboot...

Ontdek in het multimediale Bezoekerscentrum de boeiende en woelige geschiedenis van de Zwinstreek: landschap, inpoldering, uniek schaalmodel havenstad Sluis rond 1400, oorlogen in de regio, opkomst van Duinbergen en Het Zoute, ontwikkeling van het toerisme. Kortom, meer dan een ommetje waard. Gemakkelijk te bereiken met de kusttram vanuit je vakantieverblijf en op wandelafstand van het nmbs-station.

Sincfala is tevens een kindvriendelijk museum met spellen, spelen, zoektochten. Terwijl de kinderen op hun manier het museum ontdekken, kunnen (groot)ouders de opstellingen bekijken. 

MUSEUMAVONDEN. Elke donderdagavond tot 10 augustus 2017. Folk, Shanty, kleinkunst en activiteiten voor kinderen. Dat zijn de vaste ingrediënten bijzondere avonden in Museum Sincfala. De museumavonden zijn een zomerse traditie en in 2017 is het museum ook van 18 tot 22 uur open op de volgende doonderdagen: 27 juli en 3 en 10 augustus 2017. Om 19 uur start in de grote zaal van het Oud Schoolgebouw een gids met een rondleiding doorheen het museum, incluis een bezoek aan de tentoonstelling over de Heistse visserij - 1850-1930. Om 20 uur start het optreden in een grote tent op de speelplaats van de gemeentelijke basisschool 'Het Anker' om elke Paljas museumavond mooi af te sluiten. Donderdagavond 27 juli 2017, Donder in t Hooi; Donderdagavond 3 augustus 2017, Wildvuur én Donderdagavond 10 augustus 2017, Estbel.

info: www.sincfala.be

(stAs)

Lees meer: ...  Lees meer: ...  Lees meer: ...

0
0
0
s2smodern